Porsche 914: de bestseller die niemand wilde

Sinds we met het Vierenzestig-avontuur zijn begonnen jeuken mijn vingers om iets te doen met de Porsche 914. Het geval wil namelijk dat ik, ver voordat ik mijn huidige klassieker kocht, een tijdje heb gedroomd van een klassieker met middenmotor. Eind jaren ’70, begin jaren ’80 liefst. Ik heb een ongelooflijk zwak voor auto’s uit die tijd. Een Toyota MR2 was mij te jong, maar een Fiat X 1/9 leek me wel heel gaaf, hoewel deze niet gemakkelijk in goede staat zijn te vinden en de prestaties vrij bedroevend zijn. En ach, zou het niet mooi zijn als ik me een Porsche 914 kon veroorloven.

Uiteindelijk kwam er een Triumph Dolomite Sprint op mijn pad en ben ik erg gelukkig met deze achterwielaangedreven zestien-klepper, die al voor veel plezierige momentjes heeft gezorgd. Toch heb ik, in al mijn liefde voor Porsche, de 914 nooit helemaal los kunnen laten. Immers, als ik ooit een Porsche wil rijden is dit misschien wel de meest logische opstap?

Het eerste treffen tussen VW en Porsche

Het is eind jaren ’60 dat Porsche en Volkswagen hun handen ineenslaan voor de ontwikkeling van een betaalbare sportwagen, die respectievelijk de Porsche 912 en de Karmann Ghia op waardige wijze op moet volgen. De samenwerking tussen beide concerns werd geboren uit noodzaak. De ontwikkeling bij Volkswagen lag destijds bij Porsche, door afspraken die teruggingen tot de oprichting van laatstgenoemde. Het project werd geleid door Ferdinand Piëch, destijds verantwoordelijk voor research en development.

De samenwerking leidde al snel tot een dilemma: Volkswagen wilde de 914 verkopen met een flat four (914/4), terwijl Porsche de auto onder eigen naam zou gaan verkopen met haar eigen flat six (914/6). Porsche besloot echter dat het niet gunstig zou zijn voor de Amerikaanse markt om hetzelfde model onder twee merken te verkopen. Volkswagen stemde ermee in om de 914 in Amerika in beide uitvoeringen als Porsche te verkopen.

De één zijn dood…

In maart 1968 werd het eerste prototype gepresenteerd. Het noodlot wilde echter dat de toenmalige CEO van Volkswagen, Heinrich Nordhoff, overleed door hartproblemen. Nordhoff had al aangekondigd eind ’68 zijn functie neer te leggen. Door zijn overleden werd dit versneld en hiermee ook zijn opvolging door Kurt Lotz, die al aangewezen was als opvolger. Lotz had echter geen verbintenis met de Porsche-dynastie, waarmee eerdere afspraken met Porsche kwamen te vervallen.

Lotz was bovendien van mening dat Volkswagen alle recht had om de 914 te ‘claimen’, tenzij Porsche zou bijdragen in de ontwikkelingskosten van de auto. Hierdoor stegen de kosten van de auto aanzienlijk en was de 914 eigenlijk al onrendabel voordat er één auto van de band was gerold. De chassisprijs werd ineens een stuk hoger, waardoor de 914/6 ineens aanschurkte tegen de 911T, Porsche’s goedkoopste elfer. Als gevolg hiervan bleef het succes van de 914/6 uit, terwijl de 914/4 Porsche’s bestseller werd, zelfs de verkopen van de 911 konden niet tippen aan de wereldwijd 118.000 verkochte modellen.

Levensloop

De 4-cilinders werden dus verkocht als Volkswagen-Porsche. Initieel herbergde de VoPo een 1.7-liter flat four met 80pk. De 6-pitter mocht het doen met 2 liter inhoud en 110pk. Door de hoge kosten en slechte verkoop van de 914/6 werd de productie stopgezet in 1972. 3.351 exemplaren vonden hun weg naar een eigenaar. De 914/6 werd in 1973 opgevolgd door een 2.0-liter vierpitter met 100pk. In 1974 werd de 1.7 uit de 914/4 opgevolgd door 1.8-liter met 85pk. In 1976 werd de stekker uit het project getrokken. De auto werd in zijn bestaan verkozen tot Motor Trend’s Import Car Of The Year en finishte op Le Mans als eerste in de GTS-klasse en zesde overall.

En de rest is geschiedenis

Wie gaat graven op het internet zal meerdere aanwijzingen vinden van een 914/8. Een 914 met experimentele 8-cilinder boxer, afkomstig uit de racewagens van Porsche. We vatten onlangs voor jullie al even samen wat we verwachten van de nog te ontwikkelen 960. Daarin merkten we al op dat VW-topman Piëch een 914/8 zou bezitten. Ferry Porsche kreeg er eentje voor zijn verjaardag, maar de auto belande in het museum.

Er kan slechts worden geraden hoeveel 914’s er nog rondrijden. Er zweven her en der wat exemplaren te koop op het internet, en met name voor de 914/6 leg je al gauw zo’n 25 tot 30.000 euro neer. De 914/4 vind je ongerestaureerd al voor een duizendje of vijf, maar voor eentje in topstaat tik je ook al snel 15.000 euro af. In hoeverre deze echt origineel zijn valt te betwijfelen, want de 914 staat erom bekend dat er veel mee is gerotzooid.

Advertenties
Luxury-ins
EQ Performance

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.